MENSEN MET EEN STREEPJE

STEMMEN UIT DE VORIGE EEUW

Interviews met mensen uit alle lagen van de bevolking.

Neem Bep. Rangschikt opgelucht de as bus van haar derde echtgenoot

op de schoorsteenmantel naast die van numero een en twee, trakteert zichzelf op een reisje Torremolinos om haar vrijheid te vieren.

En gaat toch weer voor de bijl.

Neem de moeder van Tonny, die met onzichtbaar maar hardnekkig plakband tot in alle eeuwigheid is verbonden met haar homofiele zoon.

Of Maarten, die in de schoolbank mijmert over het perfecte meisje.

Hoor ‘Daantje van de wijvendief’ zeggen: “Mijn vader was altijd

bezopen en mijn moeder was Rooms Katholiek.”

En luister naar Sabijn, die even op de hoek twee croquetten gaat trekken en bij thuiskomst haar man morsdood aantreft op het tapijt.

Ach, mensen hebben zoveel te vertellen…

Fragment:

“…Hij heeft een gezwel gekregen in zijn…, hoe heet dat ding? Waar alles bewaard wordt? Bij je achterste...? In zijn endeldarm! Ja! Daar is hij aan geopereerd en toen is hij niet meer beter geworden. Maar hij heeft het heel leuk gehad in dat ziekenhuis. Ja hoor, het is echt een hele vrolijke dood geworden. En je moet toch op een keer érgens aan gaan. Dat is nou eenmaal niet te verhelpen. Ik miste hem natuurlijk en ik was verdrietig, maar ik dacht ook: wees nou blij voor die man. Hij was 86 en we hebben het tot het einde aan toe heel leuk gehad samen.

Over het algemeen. Kijk, ik was zijn derde vrouw en 31 toen ik met hem trouwde en hij was zestien jaar ouder dus we hadden allebei al een heel leven achter de rug met z’n ups en z’n downs. Dan schuif je allebei met een flinke rugzak op weliswaar onder nieuwe lakens maar ondertussen…Niet makkelijk, nee, want laten we eerlijk zijn: het verleden laat toch zijn wonden achter en sommigen zijn wel mooi gehecht en zo en dan ziet het er aan de buitenkant wel weer fatsoenlijk uit, maar oh oh, als je even goed doordrukt, voel je het pus er onder nog meedeinen. “Pus in ruste” bedoel ik dan hè?

Maar goed, na zijn dood werd ik bang voor de eenzaamheid, want die staarde me doodleuk recht in het gezicht dus ik dacht: weet je wat? Ik ga me verdiepen in het hondenwezen. Ik had al een hond en ik dacht: die ga ik es leuk mores leren. Ik heb me aangemeld bij een jachttraining, omdat iedereen zei: “Jouw hond kan al zó goed apporteren, dus dan moet je níet met die hond naar een of ander lullig cursusje waar deftige dames hun kruimelhondjes moeten leren poepen in de goot. Jij moet naar jachttraining.

Op die training, ergens diep in het verre platteland, heb ik die man ontmoet. Een doodgewone man. Met een stem als een donderslag, een postuur als Goliath, verschrikkelijke ideeën over Turken en zwaar gereformeerd. Die man zegt tegen mij…”

'Ingrid van Delft heeft de stemmen van mensen gevangen in woorden. De verschillende accenten die zij in de formuleringen heeft opgenomen, geven klank aan de personen die hun verhaal vertellen. Dat maakt dat dit boek sterk personen in hun persoonlijkheid en hun historie weet te vangen. Door de personen aan het woord te laten, creëert zij een dynamisch manuscript waarin zij de lezer tegenover de persoon neerzet. Ingrid van Delft heeft een sterk oog gehad voor waarom deze verhalen juist interessant zijn geweest om op papier te vangen. Elk weten zij een uniek aspect uit de vorige eeuw te bespreken en daarmee een beeld te schetsen van de cultuur en de wijze van opgroeien en leven in de vorige eeuw. Er worden vaak complexe situaties uiteengezet, die de lezer ook daadwerkelijk laat nadenken over vroeger en nu.

Zo is er een enerverend en diepgaand boek ontstaan.'

COPYRIGHT INGRID H. VAN DELFT

 SCHRIJVER & DICHTER

Email: ingridhvandelft@gmail.com

TELEFOON: +31206620939

MOBIEL: +31645242009